|
Ernesto
Intro
In één van de verhalenbundels van Julio Cortázar,
Alle branden de brand, staat een verhaal dat heet Hereniging.
Het vertelt over een astmatische guerrillastrijder, ergens in
een groene vallei op Cuba.
Het kost de lezer niet veel moeite om daar Ernest ‘Che’
Guevara in te herkennen. Ook al omdat het begint met een citaat
van de man.
Reisboeken
In 2000 verscheen een boek dat in het Engels werd vertaald als
‘Back on the road’. De eerste associatie die je als
lezer hebt bij zo’n titel is dat het verwijst naar Jack
Kerouac. De ondertitel is ‘A journey to Central America’.
De naam van de schrijver? ‘Che’ Guevara.
De foto’s in het boek laten een glad geschoren jongeman
zien. Het zijn als het ware een soort vakantiefoto’s die
iemand na thuiskomst aan familie laat zien. “Met die mensen
beklom ik die berg.” Schijn bedriegt… enigszins.
In de afgelopen jaren verschenen er plotseling weer herdrukken
van het werk van de ‘beroepsrevolutionair’ die op
8 oktober 1967 in Bolivia werd gedood.
Over het leven van Guevara dachten we
|
| |
 |
Ernesto Guevara op balkon in Buenos
Aires |
van alles te weten. Toch bleek het voor velen een verrassing
dat hij voordat hij in 1955 Fidel Castro tegen kwam en zich aansloot
bij de Cubaanse ballingen in Mexico, allerlei ‘avontuurlijke’
reizen door Zuid- en Midden-Amerika had gemaakt.
In 1992 kwamen ‘de erven’ met een eerste reisboek:
‘The Motorcycle Diaries. A journey around South America’.
Een verslag van een reis die hij samen met een vriend, Alberto
Granado, maakte door Argentinië, Chili, Peru, Colombia en
Venezuela. Alberto is dokter en Ernesto is bezig met zijn studie
om dokter te worden. Zij vertrekken in december 1951 en komen
uiteindelijk in augustus van het jaar erop weer in Argentinië
aan.
Ze gaan op pad op de motor van Alberto die ‘La Podorosa’
(‘de machtige’) wordt genoemd. Het was een oude Norton
uit 1939 waar van alles aan mankeerde. Het was overigens het tweede
|
 |
|
vehikel met die naam,
de eerste ‘machtige’ was Alberto’s fiets geweest.
Alberto was in die tijd overigens al een overtuigd marxist en
in de vele gesprekken die hij onderweg met Ernesto had, zal dat
ongetwijfeld een rol hebben gespeeld.
Onderweg bezoeken ze onder andere leprozenkolonies. Daar waar
ze kunnen bieden ze medische hulp. Ernesto zelf behoeft ook zorg.
Sinds zijn vroege jeugd lijdt hij aan astma. Ook later, tijdens
zijn omzwervingen als revolutionair zal die aandoening hem aardig
parten spelen.
Het eerste deel (tot halverwege Chili) ging inderdaad per motor.
Later, toen het ding kapot was, reisden ze lopend, per trein,
auto of per schip (als verstekelingen). Het zit vol avonturen,
grappige gebeurtenissen en rake observaties. In Peru bezoeken
ze de Inca-ruïnes onder andere in Machu Picchu. Hij viert
zijn 24e verjaardag in een leprozenkolonie in Peru.
In ‘Back on the road. A journal to Central America’
wordt de volgende reis beschreven. Het is de reis die hem uiteindelijk
in Cuba zou brengen. Op 7 juli 1953 vertrekken Ernesto Guevara
en Carlos Ferrer voor een tocht door Amerika. Allereerst trekken
ze door Bolivia. Voor de lezer is het eigenaardig om te weten
dat Guevara daar dertien jaar later zou terug keren om er een
guerrillaoorlog te beginnen.
|
|
|
Ze reizen per trein
naar La Paz en maken daar een deel van de sociale onrust mee.
Het zijn de jaren dat er in heel Latijns-Amerika een strijd is
tussen de gevestigde belangen van groot-industriëlen en het
streven naar emancipatie van boeren en arbeiders. Ze zijn verontwaardigd
over de manier waarop de inheemse bevolking (de indianen) wordt
behandeld. Ze bezoeken een wolframmijn waar ze zich zorgen maken
over de gezondheid van de arbeiders.
In augustus trekken ze verder naar Peru. Ook nu weer bezoekt hij
de Inca-ruïnes van Cuzco en Machu Picchu. Ook nu is hij daar
weer erg van onder de indruk en schrijft later een artikel erover
voor een in Panama verschijnend blad.
 |
Fidel Castro en Ernesto Guevara |
Een maand later zijn ze in Equador. Daar slaagt hij erin om met
twee andere vrienden op een boot richting Panama te komen. Uiteindelijk
is het de bedoeling om naar Guatemala te gaan. Onderweg komen
ze allerlei andere reizigers en ballingen tegen. Steeds vaker
hebben ze het over ‘linkse’ ideeën zoals |
 |
|
een eerlijker verdeling van de welvaart.
In Guatemala maken ze de staatsgreep mee van door de Verenigde
Staten gesteunde opstandelingen tegen het gekozen bewind. Men
had plannen om de bananenplantages te nationaliseren. Dat werd
gezien als een ‘communistische’ daad. Het radicaliseert
Guevara zo dat hij, eenmaal in Mexico |
| |
 |
Ernesto "Che" Guevara's lijk
ten toon gesteld |
|
 |
|
gekomen zich laat
overhalen tot een meedoen met een guerrillaoorlog tegen de dictator
Batista op Cuba.
En daar pikt de geschiedenis als het ware het verhaal weer op.
In 1956 landden de ballingen onder leiding van Fidel Castro op
het eiland. Drie jaar later hebben ze de overwinning behaald.
Na verschillende functies voor de nieuwe regering te hebben vervuld,
besloot hij in 1965 weer op pad te gaan om de revolutie als het
ware te verspreiden. Na eerst in Afrika (Kongo) te zijn geweest
vertrok hij in ’66 richting Bolivia.
Na zijn dood werd ‘Che’ Guevara een soort icoon voor
protestbewegingen op de hele wereld. Overal kwam men zijn portret
tegen. De bebaarde man met een baret op. Vaak leek het erop dat
jongeren hem in plaats van Jezus aan de muur hadden hangen. Dat
duurde tot aan het midden van de jaren zeventig. In de jaren erna
werd hij mede door de associaties met hippies (door zijn uiterlijk)
verstoten.
Typisch genoeg zien we nu weer een terugkeer van datzelfde beeld.
Er is een soort nostalgie naar de sfeer van de jaren zestig. Veel
ouders komen nu zijn portret weer tegen in de kamers van hun kinderen.
Wie weet dat er toch ook iets van zijn menselijkheid terugkeert.
Want je vreest het ergste als je ‘The Motorcycle Diaries’
bijvoorbeeld ziet beschreven als ‘Das Kapital meets Easy
Rider’ (The Times – tekst geciteerd op de voorkant
van het boek).
Epiloog
Niet toevallig werd het lijk van ‘Che’ in juli 1997
in Bolivia gevonden en opgegraven. Er volgde een indrukwekkende
staatsbegrafenis op Cuba.
|
| |
Bronnen
· Ernesto ‘Che’ Guevara, The motorcycle diaries,
Verso, London – New York, 2000.
· Ernesto ‘Che’ Guevara, Back on the road,
a journey to Central America, Vintage, 2001.
· Patrick Symmes, Op jacht naar Che, op de motor in het
spoor van Che Guevara, Sirene pockets, Amsterdam 2003.
 |
Ernesto "Che" Guevara's lijk
ten toon gesteld |
|
 |